De osteopatische behandeling

Hoe verloopt een osteopatische behandeling?

De osteopaat onderzoekt de hele patiënt, en begint dus met een uitgebreide anamnese. Deze bestaat uit twee delen.

  1. De klacht zelf, waarmee de patiënt komt;
  2. Oude ongevallen, ziektes en operaties zijn van belang voor de huidige situatie.

De osteopaat zal daarom doorvragen over wat er vroeger is gebeurd.

Vervolgens zal de osteopaat een lichamelijk onderzoek doen. Hij kijkt naar waar het lichaam in eerste instantie aangeeft, waar de meeste spanning zit.
Dan zal hij kijken welke structuur er voor deze spanning verantwoordelijk is, oftewel waar er bewegingsbeperking zit. Hierin worden dus afzonderlijk onderzocht:

  • Het bewegingsapparaat, het pariëtale systeem;
  • De organen, het viscerale stelsel;
  • De bewegingen van de schedel en het heiligbeen, het cranio-sacrale stelsel;

Dit gebeurt allemaal door te voelen.
Hij kijkt naar doorbloedingsstoornissen en naar neurologische afwijkingen, om met al deze gegevens tot een conclusie betreffende de oorzaak van de klacht(en) te kunnen komen.

De osteopaat maakt één voor één de bewegingsbeperkingen los.

Een behandeling kan een half uur tot een uur duren. De eerste vervolgafspraak wordt meestal 14 dagen later gemaakt, zodat het lichaam de tijd krijgt om aan de nieuwe situatie te wennen.
Naarmate de behandeling succes heeft, worden de afspraken steeds verder uit elkaar gemaakt.

Vraag
Ik heb een volgende afspraak, maar ik heb geen last meer. Moet ik dan toch nog langskomen?

Antwoord
Ja. De bedoeling van de vervolgafspraken is om het genezingsproces van het lichaam te behouden en te verbeteren. Daardoor worden problemen in de toekomst voorkomen. Om dat te bereiken worden vervolgafspraken voor na 1 maand, 3 maanden, 6 maanden en 1 jaar gemaakt. Ook de algehele weerstand d.m.v. het immuunsysteem kan worden gewaarborgd. Indien er na een jaar geen klachten meer optreden, kan de behandeling als geslaagd worden beëindigd.